Onderwijs en begeleiding
Leerlingbegeleiding is een belangrijk aspect van het schoolbeleid. Iedere leraar heeft behalve een onderwijsgevende ook een begeleidende taak. Per locatie zijn er ook nog speciale begeleiders. Namen en adressen staan vermeld in het jaarboekje.
De mentor
Iedere leerling heeft een mentor. De namen van de mentoren worden op de locaties bekendgemaakt.
De mentor is een van de leraren van een klas of groep, die deze klas of groep als geheel en de afzonderlijke leerlingen erin begeleidt.
Hij doet dit onder meer door:
- de sociale verhoudingen in de groep te bevorderen;
- te letten op de studieresultaten van de afzonderlijke leerlingen;
- extra aandacht te besteden aan nieuwe leerlingen;
- regelingen te treffen in geval van langdurige ziekte van een leerling;
- de afdelingsleider en collega’s te informeren over de klas of groep en de afzonderlijke leerlingen, na het verzamelen van de nodige informatie;
- behulpzaam te zijn bij het oplossen van conflicten;
- als eerste beroepsinstantie voor de leerlingen op te treden;
- de verantwoordelijkheid te dragen voor klassenavonden die in de school gehouden worden.
De mentor is de eerste die het contact met de ouders onderhoudt, waarbij het initiatief zowel van hem als van de ouders kan uitgaan.
De mentor speelt tevens een rol bij het aanleren van studievaardigheden.
De afdelingsleider
Binnen elke locatie heeft een afdelingsleider één of meer afdelingen of leerjaren onder zijn hoede. In deze afdeling(en) houdt de afdelingsleider zich bezig met organisatorische zaken (b.v. rapportvergaderingen e.d.), hij of zij coördineert de leerlingenbegeleiding ,houdt intensief contact met de mentoren en de directie van de vestiging en is de tweede beroepsinstantie voor leerlingen.
De afdelingsleiders staan in het jaarboekje vermeld bij de gegevens van de afzonderlijke locaties.
De decaan
Elke locatie heeft één of meer decanen. Hun namen en adressen staan vermeld in het jaarboekje.
De decaan speelt een grote rol bij het begeleiden van de leerling op keuzemomenten. Daarbij gaat het zowel om keuzes binnen de school als om beslissingen over vervolgstudie of beroepskeuze. In overleg en samenwerking met mentoren, afdelingsleiders en vakleerkrachten begeleidt de decaan de leerling en zijn ouders bij o.a.:
- de keuze van de onderwijssoort (vmbo, havo, atheneum of gymnasium)
- de keuze tussen bepaalde vakken en het niveau daarvan
- de samenstelling van een vakkenpakket
- de keuze van een profiel of leerweg
- de keuze voor doorstroming naar een andere onderwijssoort
- de keuze voor een vervolgstudie of een beroep
- de inschrijving voor een vervolgstudie
- het inwinnen van informatie over studiefinanciering e.d.
Op bepaalde momenten in het schooljaar geven de decanen voorlichting in klassenverband of speciale voorlichtingsbijeenkomsten. Ook worden de keuzemogelijkheden met elke leerling afzonderlijk besproken. In beide locaties van Het Rhedens organiseren de decanen verschillende vormen van beroepenvoorlichting, excursies en/of stages. Iedere leerling of ouder/verzorger kan in geval van vragen of problemen contact opnemen met de decaan.
Doorstroming
Ook de overstap van een leerling van de ene locatie naar de andere vraagt begeleiding. Onderwijskundig en anderszins bestaan er zodanige afspraken dat een dergelijke overgang zo soepel mogelijk kan verlopen.
Leerproblemen
De school onderzoekt in de brugklas of een leerling bepaalde handicaps heeft die een succesvolle schoolloopbaan in de weg kunnen staan. ‘Het Rhedens’ kent enkele specifieke hulpprogramma’s waarmee bij faalangst en dyslexie op bescheiden schaal hulp geboden kan worden. Blijkt begeleiding bij leerlingen wenselijk dan kunnen zij in overleg met de ouders een dergelijk programma volgen. Bij ingrijpende problemen kan professionele hulp van buiten de school worden geadviseerd.
Tests
De school heeft een contract met de Twente Geldergroep, een adviesbureau voor studie- en beroepskeuze. In geval van onduidelijkheid of twijfel over de keuze van de vervolgloopbaan van een leerling kan deze in overleg met de ouders onder bepaalde voorwaarden bij dit bureau getest worden op capaciteiten en/of interesses. De ouders dragen een (zeer beperkt) deel van de kosten bij.
Het Zorg Advies Team
Op de locaties van Het Rhedens functioneert ZorgAdviesTeams (ZAT's). Hierin hebben, naast enkele leerlingbegeleiders, ook deskundigen van buiten de school zitting. De leden van deze commissie kunnen gevraagd en ongevraagd problemen signaleren die anders misschien onopgemerkt zouden blijven en adviezen geven. Zowel leerlingen als leraren kunnen advies vragen aan de commissie of aan een van haar leden.
Als dat nodig is, wordt bemiddeld bij de doorverwijzing naar professionele hulpverleningsinstanties.
De klachtencommissie en de vertrouwenspersonen
Bij problemen op het gebied van seksuele intimidatie of ongewenste intimiteiten dient men zich in eerste instantie te wenden tot de vertrouwenspersoon binnen de onderwijslocatie. Deze stelt zich op de hoogte van de problemen, begeleidt de klager en probeert een oplossing te vinden. Lukt dit niet, dan verwijst (en begeleidt) hij de klager naar de landelijke klachtencommissie. Men kan zich eventueel ook rechtstreeks tot de klachtencommissie wenden. Klik hier voor de klachtenregeling en klachtencommissie.
Inspecteur/vertrouwensinspecteur
Leerlingen die persoonlijke vertrouwelijke problemen bij de omgang met personeel van de school of medeleerlingen niet via de kanalen binnen de school kunnen oplossen, kunnen zich wenden tot de vertrouwensinspecteur.
Klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik, ernstig psychisch of fysiek geweld: meldpunt vertrouwensinspecteurs 0900-1113111 (lokaal tarief).
Schoolgericht maatschappelijk werk VO
In het kader van het gemeentelijk onderwijsbeleid is als schoolgericht maatschappelijk werkende aangesteld: Mw. K. van Zelst, maatschappelijk werkster, tel. 026-3764700 (centrale receptie SWR) of 06-22834698, E-mail: k.van.zelst@swr.nl Spreekuur: iedere maandag van 9.30 uur tot 16.30 uur. Kamer villa B 2.01.
Jeugdarts
Deze houdt spreekuur. Een leerling kan zelf het initiatief nemen voor een bezoek, maar ook de school kan een leerling naar het spreekuur verwijzen. Een jeugdverpleegkundige - en zonodig de jeugdarts - onderzoekt jaarlijks de leerlingen van het eerste of het tweede leerjaar. Voor de namen en de spreekuren van de jeugdartsen wordt verwezen naar het jaarboekje.